Mussen sterven uit. Dat is duidelijk aangetoond door allerlei vogelsociologen.
De enige vogels die constant tegen en met elkaar kwetteren zijn mussen. Dus ook het gekwetter in onze voor- en achtertuinen en parken sterft uit.
Het getweet, gekwetter in de struiken, het uitwisselen van de voor mussen broodnodige informatie over waar en wanneer er ergens in de omgeving voedsel te vergaren is, is dus bijna uitgestorven.
Dat moet gecompenseerd worden.
Dat kan en dat is.
Er is namelijk een digitale KWETTER (lees mussen)-gemeenschap opgericht, TWITTER genaamd.
Niet voor onze vriendjes in de tuin, maar voor contactgestoorde medemensen.
Die laten namelijk, bij gebrek aan persoonlijke aandacht, de hele wereld weten waar zij op dat ogenblik mee bezig zijn.
Bijvoorbeeld:
Kippensoep serveren, in de file staan, zich platneuken, denken aan hun overleden ouders, zich een tenhemelopneming organiseren, een moeilijke stuitligging, een dwarsliggende zwarte drol.
Alles, alles, wordt er van minuut tot minuut gedeeld, omdat men het kennelijk niet meer met hun partners, geliefden en andere lijfelijk geïnteresseerden kan delen.
Ik noem het contactarmoede.
Afreageren van onmin en onmacht over het reageren van anderen.
Ik wil niet weten dat de éénn tomatensoep brouwt, balkenbrij veroorzaakt (hierbij doel ik op mezelf) en in een sprinter zonder wc ergens in de weilanden stilstaat.
Dat OnnoH lekker gegeten heeft moet hij voor zichzelf en zijn echtgenoot houden.
Dat zal me allemaal een rotzorg zijn.
Ik zie in de tweede Kamer allerlei figuren hun smartphone bedienen om te kwetteren dat ze zich stierlijk zitten te vervelen van mijn centen. Dat moet ik op mijn werk eens proberen. Ik heb er niet eens tijd voor.
Vandaar mijn snel opgebouwde tegenzin tegen TWITTER.
Maar ik gun ieder zijn/haar gekwetter.
Al je ermee overweg kunt en ervan geniet: prima.
Blijf allemaal lekker van heg tot heg kwetteren.
Ik kan het niet.
Succes ermee.
woensdag 24 november 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten