woensdag 15 juli 2009

Solid(t)air

Beste Paul,
Nu leg je een beetje druk op me. Je nodigt me uit om als gast een column voor je website te schrijven, terwijl je weet – denk ik – dat ik meestal schrijf uit onvrede of recht uit het hart of van nog dieper beneden, de onderbuik. Ik zou natuurlijk kunnen reageren op een artikel uit
n’importewelk dagblad of magazine. Zo staat er nu op de voorpagina van het door mij zo gekoesterde Brabants Dagblad Kinderbijslag groeit niet mee met de inflatie. Nou en, denk ik dan. Daar heb ik niets mee te maken. Of toch? Ik ben toch opa van een prachtige kleindochter wier ouders voor een deel van hun inkomen afhankelijk zijn van de kinderbijslag? Moet ik dus toch maar solidair zijn met mijn zoon en kleindochter?
Solidair verschilt maar één letter van solitair.
Een goede week geleden was onze jaarlijkse personeelsdag. Georganiseerd door vrijwilligers uit de geledingen van het personeel. Alle applaus voor hen, want dat is niets voor mij, organiseren van een mega-happening op kleine schaal.
Solidair, dat was mijn insteek.
We gingen fietsen –
happen en trappen heet dat tegenwoordig. En wel op de tandem. Ik zag mijn lijk al drijven. Met mijn twee gerenoveerde, zeg maar gerust vervangen, knieën achterop een tandem, een geval waarmee de stuurman of -vrouw waarschijnlijk ook nog nooit kennis gemaakt had. Dat wordt vallen, dacht ik en zegde toe dat ik mee zou doen met de barre tocht maar dan op voorwaarde dat ik mijn eigen vertrouwde stalen ros mocht bestijgen. Ik, als solitair, kon op die manier toch solidair zijn.
Dat was prima en kwam goed uit omdat er een oneven aantal deelnemers zou zijn en een driemenstandem nog niet uitgevonden was.
Iedereen ging dus op weg in een tweetal en ik dacht mezelf een bindende factor toe. Een beetje naar voren, praatje, een beetje naar achter, praatje, fotootje en zo verder. Totdat ik erachter kwam dat men op een tandem met gemak een snelheid kan ontwikkelen die boven mijn 1-mensenkracht kwam. Verdorie, die dingen liepen dus met een gemiddelde snelheid van zo’n 22 kilometer per uur. En dat kan ik als eenling wel even volhouden maar niet lang. Van mijn voornemen om via gesprekken de groep bij elkaar te houden kwam dus weinig terecht. Ik was nog zo naïef om te denken dat mijn collega’s mij solidair op sleeptouw zouden nemen….
Helaas.
Maar gelukkig kwam de hedendaagse techniek me te hulp. In goed gezelschap overigens van een slopende hitte en de vermoeidheid van veel deelnemers vanwege de onbekendheid met het fenomeen fiets, laat staan tandem. Koppel die vervolgens aan een afstand van 42 kilometer. De tocht ging van restaurant naar restaurant en dan natuurlijk via een omweg.
Lekker fietsen door Brabants’ landschap, dat was de insteek. Maar bij een hapje hoort voor veel mensen alcohol. De doorgewinterde fietser weet dat alcohol meteen in de benen slaat, maar krijg dat de beginner maar eens aangepraat! Dus tel tenslotte bij een en ander op dat de steeds vollere magen en het alcoholgebruik ook hun partijtje begonnen mee te blazen. Kortom, de vermoeidheid sloeg in rap tempo toe en de vraag naar een verkorte route stak machtig de kop op.
Laat mij nu de enige met een GPS-apparaat zijn!
De kortste routes naar de diverse opeenvolgende restaurants zijn dan snel ingetikt. Maar dat hield wel in dat iedereen achter mij aan zou moeten fietsen. Dat was dan jammer. Gabriël fietste in de meeste gevallen ver achteraan, want solitair. Maar diezelfde Gabriël ontmoette alle hardfietsers ook weer op de eerstvolgende splitsing, want alleen hij wist van het correcte links-, rechts- of rechtdoor.
Waarmee ik maar wil zeggen dat solitair en solidair niet zoveel van elkaar verschillen en in veel gevallen van elkaar afhankelijk blijken zijn.

Geen opmerkingen: