Gisteren waren we bij een concert van hem. W had bij de serie kaarten die zij ieder jaar voor haarzelf en haar moeder kocht, twee kaarten voor Julien Clerc en twee voor Boudewijn gevoegd.
Van het concert van Julien, haar idiool, kregen we al snel de melding dat dat niet door zou gaan. Van Boudewijn niet, dus zaten we vanavond precies midden in de zaal, vol verwachting het concert af te wachten.
Ik kreeg bij het binnenkomen van het theater al een onbestemd gevoel. Allemaal van die oudjes zeg. Wat moest dat worden?
Grijze wolken pakten zich samen in de lounge. Grijze koppies en luchten die niet van de lucht waren. Grijze parfumwolken probeerden me te omhelzen, maar ik houd alles wat maar enigszins lekker probeert te ruiken, op grote afstand van me. Éen van de redenen om me nooit in menigtes te begeven. Daarmee pretendeer ik niet dat ikzelf niet zou ruiken. Integendeel. Ik ruik van nature lekker. Dat is me door een zeer dierbare verschillende keren in mijn oor gefluisterd. En dan MOET het wel waar zijn.
Grijze wolken pakten zich samen in de lounge. Grijze koppies en luchten die niet van de lucht waren. Grijze parfumwolken probeerden me te omhelzen, maar ik houd alles wat maar enigszins lekker probeert te ruiken, op grote afstand van me. Éen van de redenen om me nooit in menigtes te begeven. Daarmee pretendeer ik niet dat ikzelf niet zou ruiken. Integendeel. Ik ruik van nature lekker. Dat is me door een zeer dierbare verschillende keren in mijn oor gefluisterd. En dan MOET het wel waar zijn.
Goed, de grijze koppen met bijbehorende (af)grijselijke luchten spoedden zich dus naar de zaal, alwaar het podium al bezet stond met diverse gitaarstaarden en klavieren. Nog voor er iemand op de Bühne verscheen, werd er al geklapt. Ik krijg het daar zo benauwd van. Ik huldig het standpunt: eerst presteren, dan applaudisseren.
Boudewijn betrad 10 minuten te laat, maar dan kan, mag en moet in 's-Hertogenbosch het podium. Bijna een staande ovatie.
Daar staat hij dan, gitaar in zijn handen. Grijs, bijna wit, maar moet ik toegeven, met een beter figuur dan ik en begint het optreden met een eh, eh, Goedenavond, dames en heren. Mijn God, die man staat al 45 jaar op het podium en weet niets anders te verzinnen dan een eh, eh, goedenavond dames en heren. zzou het nog goedkomen, dacht ik. Ik had mijn handen nog geen moment op elkaar gehad, want: eerst prest.......
Begint-ie met drie stokoude nummers. Paul Simon had tenminste Art Garfunkel nog naast hem. dat vulde elkaar een beetje aan, maar Boudewijn alleen met zijn gitaar... Ik had me voorgenomen om niet mee te gaan zingen, maar kon het nu niet laten om de baspartij in te gaan vullen. Het was zoooo kaal, zo iel en zo niks.
Na die drie oude nummers kwam de band op. De namen weet ik niet meer, maar een van de toetsenisten was Erst Jansz, waar ik later in dit verhaal nog even op terug zal komen. De violiste was een forse vrouw die ongelooflijk zuiver en goed speelde. De tweede toetsenist toetste met liefde en plezier en de bassist en gitarist gaven helaas de indruk weer een avondje te moeten vullen.
De nummers die volgden, waren oldtimers in een nieuw jasje. Wel lekker herkenbaar, ook wel lekker gemakkelijk voor de uitvoerenden, maar de zaal reageerde maar lauwtjes. Dat zegt veel.
Na de pauze begon het gesodemieter.
Enige tijd geleden zijn W en ik naar een concert van Wende Snijders geweest. Een vrouw met heel wat muzikale kwaliteiten. Maar we hadden het gevoel of de zaal de psychiater was en zij op de stoel zat/lag en haar problemen uitte.
Zo was het ook met Boudewijn. Er kwamen verhalen over zijn (kamp)verleden, waarom hij niet meer naar Indonesië ging, over zijn te vroeg gestorven moeder, wat zijn allemaal niet had door moeten maken en hoe B daar nu mee omging.
Daar kwam ik niet voor. Problemen creëer ik zelf wel als ik daar behoefte aan heb. Naar een concert ga ik om onderhouden te worden, om te genieten, niet om als pseudopsyg te dienen.
Jammer.
Na deze ontladingen moest er nog een relatie met Lennart Nijgh hersteld worden. Ik kan me herinneren dat B een tijd geleden eigenlijk niets meer van zijn vroegere maatje moest hebben. En nu moest dan kennelijk weer rechtgezet worden. De zaal was weer het slachtoffer.
Gelukkig kwam er tussendoor een prachtig lied van Ernst. Ook over een persoonlijke ervaring, dat wel, maar zo mooi gearrangeerd en ingeleid en gezongen dat ik daar wel vrede mee had.
Al hij nog ergens een soloconcert gaat doen, probeer ik er bij te zijn.
En nu ik het toch over Ernst Jansz heb: WAT EEN TOETSENIST. Prachtig hoe hij de toon zette. Uniek hoe hij de modulaties maakte en begeleidde. En met wat een verve en hart voor de zaak. Zonder hem was het concert een flop geweest.
Boudewijn tenslotte moet zich bezig houden met het produceren en coachen van jonge artiesten. Naar mijn mening moet hij zich verre houden van het podium en zijn persoonlijke problemen spuien waar ze thuishoren.
Vreemd dat zijn laatste(?) CD: Lage landen, me wel aanspreekt.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten