k heb geregeld telefonisch contact met de wijkagent. Dat is omdat wij beiden zeer begaan zijn met het wel, wee en de leefbaarheid van de wijk waarin ik woon.
Zo bel ik de centrale 0900-8844 geregeld als ik (we, de wijkbewoners) last hebben van de gebruikers van de JOP (Jongeren-Ontmoetings-Plaats) in het parkje achter ons huis.
In het kader van het diverse keren per dag uitlaten van S, onze hond, -wat betreft het noemen van namen kun je maar niet voorzichtig genoeg zijn op internet- in dat kader kom ik vier, vijf keer per etmaal langs de JOP. De start is rond 7.45 uur en de laatste ronde is rond 00.30.
Zo ook deze week.
De JOP wordt door verschillende, ik heb de indruk rivaliserende, groepen gebruikt. Lekker hangen, chillen, beetje blowen en de goedkope blikjes pils uit de nabijgelegen supers nuttigen.
Dat ze dat doen, vind ik prima. In mijn jonge jaren moesten wij onze toevlucht zoeken in afgelegen kapelletjes en op kerkhoven. Maar: we ruimden onze rotzooi op en namen de dekbedden en misbruikte spullen netjes weer mee naar huis.
Dat gaat tegenwoordig anders. Blikken, plastic flessen, verpakkingen van wietsigaretten, condooms en niet te vergeten de McD zakken, worden door de jeugd her en der neer geflikkerd en als prooi voor de gemeentelijke opruimdienst achter gelaten.
Kijk; daar kan ik dan boos om worden. Ik ben er zo een van: neem je rotzooi mee en dump het in je eigen vuilnisbak in je voor- of achtertuin of tenminste in de prullenbak, die drie meter van de JOP af staat.
Zo niet? dan ga ik bellen. Het gaat tenslotte om een parkje dat voor de wijk bestemd is.
Allereerst bel ik met de gemeentelijke wijkdienst. Alle lof, ze kwamen binnen een uur alles opruimen. Wat wel inhield dat de inmiddels door mij gealarmeerde wijkagent niets meer kon vinden….
Vandaag kreeg ik een telefoontje van de wijkagent.
Met dank voor de melding, mijn collega’s zijn langs geweest en het viel wel mee. Daags daana heb ik een praatje met de groep gemaakt.
IK HEB EEN PRAATJE MET DE GROEP GEMAAKT. zei hij.
Ja, dat had IK ook al. Als wijkbewoner. Gewend aan tegenspraak en lacherige opmerkingen ben ik het gesprek met de groep maar aangegaan. ‘Hé hallo, lekker chillen hier?
Gelukkig had ik hond S bij me. Hij zou wel als katalisator dienen.
Ja hoor meneer, en we ruimen alles op. Knap van die jongelui, ze wisten in ééntiende van een seconde waarom ik een gesprek aan wilde gaan.
Een gesprekje volgde over rotzooi en waar ze hun vervolgopleiding wilden gaan doen. Sportacademie in Arnhem, was een van de antwoorden. Waarop ik weer een aanknopingspunt had voor een leuk gesprek en goede tips over teamspirit en zo.
Het gesprek met de wijkagent liep een beetje dood op mijn mededeling dat er weinig gebeurd was na mijn melding, dat de gemeente de zaak perfect schoon hield.
Ja, geen wonder zei de WA. Ik heb een gesprek met de groep gehad en ze vertellen me echt alles.
Zo? zei ik, vertel.
Ja, ze vertelden van het gesprek met U en dat U een wietplantage in uw tuin hebt.
O, repliceerde ik, en waarop baseert U dat?
Nou, U vertelde van de gevonden verpakkingen van wiet-sigaretten en dat U er wel eens eentje mét een stickie gevonden had en op hun vraag ‘wat doe je er dan mee’ had geantwoord: ‘wat denk je” Ik was zelfs nog verder gegaan door te beweren dat ze hun blowtjes beter zelf konden kweken in hun achtertuin…..
De wijkagent is in staat om binnenkort bij mij huiszoeking te komen doen.
Ik zal hem met open alcohol ontvangen.
zaterdag 18 augustus 2012
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten